Mixing up prevalence and types of crime in comparing majority and minority adolescents in the Netherlands

“This is not criticizing, it is hurting”

In 2013 Andre van Delft and I wrote a a so-called ‘non-peer-review’ of an article published in the journal Psychology, Crime, and Law. This was the final reaction of the journal:

I went through your submission for Psychology, Crime, and Law and decided to reject it outright. The scope of the manuscript is not aimed at furthering any scientific point, but mostly bashing the authors of the original paper. Besides that, your tone is hardly less offensive than in the previous draft. I therefore decided to follow the reviewers of the first draft and not publish your manuscript.
You are of course now free to submit the paper elsewhere should you choose to do so.

Lees verder

Wetenschap en woede

In januari stuurden we een verzoek aan het tijdschrift ‘Psychology, Crime and Law’ om een door hen gepubliceerd artikel officieel in te trekken.  Het artikel ging over het verschil in types misdaden gepleegd door jongens van autochtone afkomst enerzijds en van Marokkaanse afkomst anderzijds. Wij vonden dat het artikel moest worden ingetrokken omdat het aan alle kanten rammelt en omdat het een zeer schadelijke invloed heeft op de samenleving via de publiciteit eromheen.

Ons verzoek werd afgewezen, niet op inhoudelijke gronden, maar omdat het tijdschrift liever een inhoudelijk tegengeluid ontving dat gewoon door hun eigen proces van peer-reviewing zou gaan.

Hieronder bericht over de voortgang sindsdien. Lees verder

Criminoloog *) Schoep duikt

Debat ‘tough on crime’

Zo staat het (nog) te lezen in de nieuwsrubriek van de Universiteit van Leiden, de aankondiging van een debat op 19 maart jl, georganiseerd door ‘Campus The Hague':

Tougher sentencing: does it help?

Almost three-quarters of the Dutch population is for (sic) tougher sentences to cut crime. But is there any point?

“Is there any point?”, vrij vertaald: slaat het ergens op? Lees verder

Peer pressure, reviewing, kritische zin en goede bedoelingen

Geen speciale status voor criminologie

De Nederlandse Vereniging voor Criminologie belegde 5 februari een studiemiddag. Onderwerp: ‘Transparantie van onderzoek in de criminologie’. Ik werd gealarmeerd door het alarmisme in de aankondiging. Vetgedrukt: “Praat mee nu het nog kan: hoe transparant willen en kunnen criminologen over hun bronnenmateriaal zijn?“. Daarnaast een fotootje van de vermaledijde Diederik Stapel in ongunstige pose.

Gelukkig had de bijeenkomst zelf, in een collegezaaltje van de VU, nota bene in het gebouw van Wis- en natuurkunde, een andere toon. Dat was mede te danken aan het feit dat er behalve drie hoogleraren ook nog twee wat jongere onderzoekers een praatje hielden. Jan Dirk de Jong en Mirjam Wijkman houden zich nog volop bezig met data verzamelen en andere praktische kanten van onderzoek. In hun nuchtere verhalen maakten ze duidelijk hoe onthutsend gemakkelijk sjoemelen met data goed beschouwd eigenlijk is. Zelden wordt je als onderzoeker de vraag gesteld hoe je aan je resultaten komt. Dit thema kwam uitgebreid terug in de discussie. In alle inleidingen kwam echter naar voren dat deze kwestie niet zo heel specifiek voor de criminologie is.

Dat was ook de conclusie van Cees Schuyt, lid van de Raad van State en, onder veel meer,  emeritus hoogleraar sociologie: geen uitzonderingspositie voor criminologie.

Daardoor was er ruimte om aandacht te besteden aan de achterliggende vragen van integriteit en betrouwbaarheid van de sociale wetenschap en hoe die te bevorderen. Lees verder

Verschillen in straftoemeting en uiterlijk: een non-peer review

Leugens, verdomde leugens, statistiek en criminologie

Dit is de tweede non-peer review op deze webstek.

Parlementslid Jeroen Recourt

Ik bespreek het artikel Verschillen in straftoemeting in soortgelijke zaken door Wermink, De Keijser en Schuyt, werkzaam aan de afdeling Criminologie,  faculteit Rechtsgeleerdheid Universiteit Leiden. Het werd gepubliceerd in aflevering 2012-11 van het Nederlands Juristenblad (NJB).
Voordat het werd gepubliceerd was NJB-11 gepeerreviewd. Na bestudering van het artikel en van de opzet van de observatielijst, heb ik niet alleen kritische kanttekeningen bij het artikel zelf, maar ook vraagtekens bij hoe de NJB-peers hun taak hebben opgevat. Voelen ze zich wel medeverantwoordelijk voor het bewaken van de goede naam van de wetenschap? Lees verder